Steeds vaker zitten ze aan mijn tafel, kinderen en jongeren die heel hard moeten werken om zichzelf weer terug te vinden. Ze zijn in de war gebracht door een systeem dat niet past. Docenten doen hun best, maar voor deze groep kinderen past de vorm en het aanbod waartoe zij beschikking hebben niet.
Zo is daar Lotte, als pientere sensitieve kleuter ging ze vol enthousiasme naar school. Al vanaf dag één voelde ze dat er in de interactie tussen juf en kinderen dingen gebeurden die ze niet kon rijmen met hoe zij de wereld ervaarde. Dingen die veel mensen ontgaan omdat ze minder fijngevoelig zijn. De leerkracht die een groep mag managen en niet altijd tijd en aandacht heeft voor al die individuutjes met hun eigen gevoeligheden en behoeften. Een leerkracht die zelf als mens ook nog lerend is. Die kleine Lotte raakte verward. Ze wilde er graag bij horen en probeerde de groepsregels te begrijpen vanuit haar bewustzijn. Vier jaar, heel gevoelig, maar nog niet de levenservaring om alles wat ze waarnam te duiden in woorden en te snappen op een niveau waarop er weer veiligheid kon ontstaan.
Zo verdween dit enthousiaste meisje. Ze werd angstig. Er kwamen gesprekken, één op één aandacht, therapie voor haar angst, maar echt helpen deed het niet. Er kwam een schoolwissel. Want de angst en weerstand richting school waren zo groot geworden, dat de betrokken volwassenen niet meer wisten hoe ze Lotte nog konden helpen. De juf had vanalles geprobeerd, wilde heel graag, maar voelde zich machteloos.
Er werd een andere school gekozen, met meer projecten, meer klassenoverstijgend onderwijs en een fijne sfeer. Toch lukte het hier ook niet. Lotte was zo angstig en zo gevoelig voor alles wat maar enigszins onduidelijk was dat ze zichzelf niet meer durfde te laten zien. De angst overheerste. Lotte wist niet meer hoe ze zichzelf moest zijn in een groep. Ze was de hele dag druk met voelen, waarnemen, kijken wat er gebeurde en wat er verwacht werd. Dit kostte zoveel energie dat er geen ruimte over bleef voor wie zij was en wat zij nu echt nodig had. Ze kwam doodmoe uit school, iedere dag weer. In de vakantie knapte ze weer op. Het duurde niet lang of Lotte kwam thuis te zitten.
Kinderen als Lotte hebben een sterk bewustzijn. Ze zien al heel scherp waar volwassenen nog dingen mogen leren. Ze zijn echter ook nog kinderen. Kinderen die volwassenen nodig hebben om de wereld te leren begrijpen, gevoelens te leren hanteren en gedrag te leren duiden op zo´n manier dat je jezelf en de ander geen geweld aandoet. Ze snappen nog niet dat iedereen zelf bepaalt wat hij wanneer wil leren. Ze begrijpen ook nog niet dat de ander niet hoeft te zien wat jij ziet. Iedereen heeft zijn eigen werkelijkheid, neemt waar vanuit het eigen perspectief en handelt daarnaar. We kunnen om fijn samen te leven werken aan communicatie en zelfbewustzijn, de relatie met onszelf, de ander en de wereld. Maar we kunnen niet bepalen wat we vinden dat de ander moet leren als het gaat over aangaan van onhandigheden in gedrag of oud zeer.
Op school zijn we niet zo bezig met lessen in zelfbewustzijn. Je gaat naar school om schoolse vaardigheden te leren. Bij kinderen als Lotte ligt er echter een hele andere leervraag. De vraag over wie zij zijn op deze wereld en wat dit betekent voor de relatie met de ander en die wereld. Zonder aandacht te besteden aan deze essentiële behoefte raken kinderen als Lotte de weg kwijt en verliezen ze vooral zichzelf. Zonder zelfvertrouwen, het gevoel dat je gezien en begrepen wordt, het gevoel dat je gehoord wordt in jouw leervragen, kun je niet tot leren komen op een manier die de school van je vraagt. Deze kinderen proberen te overleven binnen het systeem. Om je nieuwe vaardigheden eigen te kunnen maken moet je veiligheid ervaren, en die veiligheid ontbreekt. Niet omdat het onderwijs zo slecht is, maar omdat het niet aansluit bij kinderen zoals Lotte.
Gelukkig zijn er o.a. particuliere initiatieven, B3 scholen, plekken waar zorg en onderwijs gecombineerd worden, waar veel Lottes ruimte vinden voor dit essentiële deel van hun zijn. Waar ze voelen dat ze niet raar zijn, waar ze ervaren dat er niets mis met ze is. Kinderen als Lotte hebben vooral ruimte nodig om weer te mogen voelen, ervaren en groeien in een omgeving met veilige kaders, aangegeven door volwassenen met een groot zelfbewustzijn, die authentiek zijn, kunnen reageren met een grote gevoeligheid voor wat de ander nodig heeft en zich bewust zijn van eigen blessures. Binnen een dergelijke setting is er geen therapie nodig, maar kan de tijd angst helen en kunnen Lottes op deze wereld al hun vragen over zichzelf en de wereld kwijt. Dan ontstaat er weer een veilige basis en kunnen er vandaaruit vaardigheden geleerd worden die weer handig zijn voor hun verdere leven. Vanuit ruimte, begrip, veiligheid en de natuurlijk intrinsieke behoefte om te willen leren.
Er is niets mis met Lotte en haar vrienden. Maar daar waar de schoen knelt, raken ze geblesseerd. Die blessure lossen we niet op door ze dezelfde schoen te blijven aanbieden. Een ruimer paar helpt helen!